Weinig scholen in po gesloten door het coronavirus

    0
    260

    In november hebben 28 scholen in het primair onderwijs hun deuren moeten sluiten vanwege het coronavirus, blijkt uit de eerste rapportage van het Meldpunt tijdelijke schoolsluiting van de Inspectie van het Onderwijs. In totaal kent het primair onderwijs 7358 vestigingen, het gaat daarmee om 0,4% van het aantal scholen. De meeste leerlingen die thuis zaten vanwege een schoolsluiting kregen onderwijs op afstand. Als fysiek onderwijs niet mogelijk is, wordt er door de meeste scholen extra aandacht besteedt aan leerlingen met een onderwijsachterstand en aan kinderen die thuis minder ondersteuning krijgen. Gemiddeld duurde een schoolsluiting vanwege het coronavirus in november 5,5 dagen in het primair onderwijs.

    Een schoolbestuur kan besluiten tot een tijdelijke schoolsluiting omdat er organisatorisch geen andere oplossingen zijn of omdat de GGD de sluiting van de school adviseert vanwege het aantal besmettingen of beperking van het verspreidingsrisico.

    Meldpunt tijdelijke schoolsluiting Onderwijsinspectie

    De Onderwijsinspectie heeft vorige maand het Meldpunt tijdelijke schoolsluiting in het leven geroepen waar scholen het kunnen aangeven als zij tijdelijk hun deuren sluiten. Op deze manier ontstaat er landelijk zicht op de continuïteit van het onderwijs. Daarnaast houdt onderzoeksbureau Oberon maandelijks een peilingsonderzoek onder onderwijsinstellingen in het funderend onderwijs naar de gevolgen van de schoolsluitingen, zoals de afwezigheid van leerlingen en lesuitval. De eerste meting van deze periodieke peiling betreft november 2020.

    Langdurig verzuim vanwege risico’s of angst voor corona

    Oberon heeft ook in beeld gebracht hoeveel leerlingen voor langere tijd niet naar school gaan vanwege risico’s of angst voor corona. Het gaat hierbij om kleine aantallen leerlingen. In het basisonderwijs gaat dit gemiddeld gesproken om 0,1 leerling per vestiging die langere tijd niet naar school gaat vanwege angst voor corona en 0,3 leerling per vestiging die niet naar school gaat omdat zijzelf of een gezinslid tot de risicogroep behoren.

    Voortgezet speciaal onderwijs

    In het voortgezet speciaal onderwijs (vso) liggen deze aantallen hoger. Op meer dan de helft van de vso-scholen zijn leerlingen voor langere tijd thuis omdat zij zelf of een gezinslid tot de risicogroep van het coronavirus behoren. Het gaat gemiddeld om 4,3 leerlingen per vestiging. Corona-angst speelt ook een grotere rol in het vso, gemiddeld gaat één leerling per vso-school niet naar school. Ook de lesuitval is hoog in het voortgezet speciaal onderwijs: 50% van de scholen kampt met lesuitval vanwege coronaverschijnselen bij de leraar.

    Lesuitval

    Het speciaal onderwijs en speciaal basisonderwijs kampen ook met flink wat lesuitval doordat de leraar coronaverschijnselen heeft. Het gaat hierbij om 33% van de vestigingen in het speciaal onderwijs en 18% van de vestigingen in het speciaal onderwijs. In het reguliere basisonderwijs liggen  deze cijfers een stuk lager: zo’n 6% van de scholen heeft daar te maken gehad met lesuitval doordat de leraar coronaklachten had.