Verkouden kinderen in de klas, is dat verstandig?

    0
    599

    De herfst komt eraan en dan zijn veel kinderen regelmatig verkouden. Kinderen tot twaalf jaar mogen met verkoudheidsklachten gewoon naar school. Missen we dan niet te veel potentiële coronagevallen?

    Afgelopen vrijdag kondigde minister De Jonge aan dat ook kinderen tussen zeven en twaalf jaar met een snotneus weer naar school mogen. Een opluchting voor veel ouders, die de afgelopen weken worstelden met het dilemma of hun verkouden kind thuis moest blijven en getest diende te worden. Tegelijkertijd maken veel leraren zich zorgen. Want neemt met al die snotterende kinderen in de klas de kans op verspreiding van het coronavirus niet enorm toe? We vroegen het aan ons coronadenktank-lid Patricia Bruijning. Zij is kinderarts-epidemioloog aan het UMC Utrecht.

    Aan het eind van de zomer werd besloten dat jonge kinderen (tot zeven jaar) met een verkoudheid gewoon naar de kinderopvang of naar school mochten komen. Waarom is die grens destijds bij zeven jaar gelegd?

    “Dat heeft twee redenen. De eerste is puur praktisch. Kleine kinderen hebben vaak een snotneus. Dat hoort erbij en er is geen beginnen aan om al die kinderen steeds thuis te houden of te laten testen. De tweede reden komt voort uit onderzoek naar Covid-19 bij kinderen. Tussen alle snotterende kinderen vind je maar heel af en toe iemand die hier positief op test. Bovendien weten we dat kinderen het coronavirus niet makkelijk doorgeven. Daarin is wel een verschil tussen groepen. Kinderen onder vijf jaar verspreiden het coronavirus niet of nauwelijks. Bij oudere kinderen gaat de verspreiding geleidelijk steeds iets omhoog. Jongvolwassenen tussen vijftien en twintig jaar verspreiden het virus net zo efficiënt als volwassenen.”

    Nu mogen kinderen tot twaalf jaar met een snotneus ook weer naar school. Waarom is dat besluit genomen en is het verstandig? Gaan we niet te veel potentiële coronagevallen missen als verkouden kinderen niet meer getest worden?

    “Het testen van verkouden kinderen is nooit verplicht geweest. Officieel hoeven kinderen pas getest te worden als er ook andere klachten optreden, zoals bijvoorbeeld benauwdheid of koorts. Dat geldt ook nog steeds. Maar in de praktijk zagen we dat ouders enorm worstelden met verkouden kinderen thuis. Normaal gesproken stuur je een kind met een snotneus gewoon naar school, maar dat kon nu niet. En dus lieten veel ouders hun verkouden kinderen toch testen, uit eigen initiatief of omdat school erom vroeg. Dat gaf enorme druk op de testlocaties. Door snotterende kinderen toch naar school te laten gaan, neemt die druk hopelijk af. Dit besluit heeft dus niets te maken met nieuwe wetenschappelijke inzichten, maar is puur genomen op basis van schaarste aan testen.”

    De druk op de testlocaties neemt wellicht af, maar de onrust onder leraren neemt toe. Want hoe weet je nou of een verkouden leerling toch niet besmet is met het coronavirus?

    “Dat weet je niet, maar voorheen wist je eigenlijk ook niet of er een leerling met corona in de klas zat. Een corona-infectie kan zich bij kinderen namelijk heel anders presenteren dan bij volwassenen. Hier zijn in de afgelopen drie maanden verschillende studies over gepubliceerd, waarin steeds alle kinderen die waren blootgesteld aan het coronavirus werden getest en opgevolgd. Veel infecties bij kinderen blijven onopgemerkt, omdat ze geen symptomen geven of andere symptomen dan je zou verwachten. Vermoeidheid en hoofdpijn komen bij kinderen met Covid-19 bijvoorbeeld vaak voor. Twintig tot dertig procent krijgt last van buikpijn of diarree. Als je alleen kijkt naar verkoudheidsklachten vang je bij kinderen waarschijnlijk nog niet eens de helft van alle coronagevallen.”

    Dat klinkt onheilspellend. Is het niet erg dat we zoveel coronagevallen bij kinderen missen? Moeten we bij kinderen misschien kijken naar andere symptomen?

    “Vanuit het perspectief van een kinderarts is het zeker goed om rekening te houden met andere symptomen. Als je in het ziekenhuis een ernstig ziek kind ziet met buikpijn en diarree moet je ook aan corona denken. Vanuit het perspectief van een epidemioloog zijn andere symptomen minder relevant. Je wilt corona immers opsporen om verspreiding tegen te gaan. Het is niet uitgesloten dat kinderen met alleen hoofdpijn of buikpijn het virus doorgeven, maar dat zal slechts heel zelden gebeuren. Ze zijn veel minder besmettelijk dan kinderen die hoesten of snotteren.”

    Wat weten we al over verspreiding van het coronavirus via de ontlasting? Kun je bijvoorbeeld besmet raken door het verschonen van een luier bij kinderen met diarree?

    “Het coronavirus is aangetroffen in de ontlasting van geïnfecteerde personen, maar blijkt in het laboratorium niet op te kweken vanuit poepmonsters. De virusdeeltjes in de ontlasting zijn ook niet infectieus. Naar verwachting is ontlasting dus geen belangrijke verspreidingsroute voor het virus.”

    Wat verwacht je deze herfst en winter? Als er straks veel meer mensen verkouden of grieperig worden, kunnen we dan nog wel genoeg testen?

    “Dat is inderdaad de vraag. Bij kleine kinderen komt in het najaar ook het RS-virus veel voor. Dit geeft klachten zoals hoesten en benauwdheid, die ook passen bij corona. Dan moet je dus wel weer meer testen. Ik hoop zelf heel erg dat sneltests (zie kader, red.) tegen die tijd bruikbaar zijn. Dan is er veel minder laboratoriumcapaciteit nodig en zijn de uitslagen sneller beschikbaar. Bovendien ervaren zeker kleine kinderen minder last van het afnemen van een sneltest, omdat de monsters dan niet diep uit de keel of neus genomen hoeven te worden.”