Stadsleerling krijgt vaker hoger schooladvies dan kind op platteland

    0
    194

    De schooladviezen van basisschoolleerlingen worden in steden veel vaker omhoog bijgesteld dan op het platteland. Terwijl relatief meer kinderen van ‘plattelandsbasischolen’ in aanmerking komen voor een hoger schooladvies. Onderwijsminister Arie Slob staat voor een raadsel en laat het nader onderzoeken.

    Dat blijkt uit een brief die minister Slob zojuist naar de Tweede Kamer heeft gestuurd.

    Sinds drie jaar is het advies van de juf of meester leidend. Pas nadat groep 8’ers dat advies hebben gekregen, maken ze een eindtoets. Als ze op die eindtoets hoger scoren dan het advies van hun leerkracht, mag de leraar het advies omhoog bijstellen. Scoren ze lager op de eindtoets dan heeft dat géén gevolgen voor het advies.

    Nu blijkt echter dat vooral op het platteland weinig adviezen omhoog worden bijgesteld. Hoe stedelijker de plek van de basisschool, hoe meer adviezen worden bijgesteld.

    Hoger

    In de stad daalt het percentage heroverwegingen, maar stijgt het aandeel bijstellingen ervan.

    In de stad daalt het percentage heroverwegingen, maar stijgt het aandeel bijstellingen ervan. © OCW

    In niet-stedelijke gebieden scoorden ruim 6000 kinderen (ruim 40 procent) hoger voor hun eindtoets dan het middelbare schooladvies dat ze van hun leraar kregen. Toch kregen slechts 1202 leerlingen daadwerkelijk een hoger advies, minder dan 20 procent.

    In ‘zeer sterk stedelijke’ gebieden komen dik 10.000 kinderen (ruim 25 procent) voor een hoger advies in aanmerking en krijgen er ruim 3800 dat ook: bijna 40 procent.

    Minister Slob is niet blij met dat grote verschil en vindt het zorgelijk. ,,Dit kan een bedreiging zijn voor de kansengelijkheid,” schrijft hij in zijn brief. Slob vreest dat de aanwezigheid van middelbare scholen in de omgeving van invloed is op het schooladvies. ,,Om te voorkomen dat het aanbod van vo-scholen in een regio de schooladvisering beïnvloedt, is het van belang dat in elke regio een toereikend aanbod van (brede) brugklassen beschikbaar is,” aldus de minister. Hij laat nader onderzoek doen naar de grote verschillen.