Onderwijsraad: scholen en aanbieders moeten meer samen optrekken

    0
    234

    Het aanbod van educatieve dienstverleners en de vraag vanuit scholen sluiten onvoldoende op elkaar aan. En dit terwijl educatieve dienstverlening juist moet bijdragen aan duurzame vernieuwing en de kwaliteit van het onderwijs. Adviseurs, methodemakers, toetsontwikkelaars en onderzoekers zouden hun aanbod meer in co-creatie met scholen moeten ontwikkelen. Dit stelt de Onderwijsraad in het rapport ‘Samen ten dienste van de school’.  

    Er zijn een aantal redenen waarom vraag en aanbod niet optimaal op elkaar aansluiten. Zo zijn de markt en de financiering versnipperd, dreigt er monopolievorming op het terrein van leermiddelen en er is weinig inzicht in de kwaliteit van het aanbod. Ook blijkt het voor scholen lastig de juiste ondersteuningsvraag te formuleren en wordt er vaak gekozen voor kortetermijnoplossingen. Wanneer scholen en aanbieders het aanbod in co-creatie ontwikkelen wordt het eigenaarschap van scholen vergroot en daarmee het aanbod meer relevant voor het onderwijs. De Onderwijsraad vindt het bevorderen van co-creatie een taak voor de overheid. In het rapport staan dan ook een aantal adviezen om deze co-creatie te doen slagen. Belangrijk advies is te streven naar een gelijkwaardige inbreng van alle stakeholders om gedeeld eigenaarschap te bewerkstelligen. Daarnaast beveelt de raad aan om in te zetten op verbindingen tussen mensen, netwerken of organisaties, die vraag en aanbod bij elkaar brengen. 

    Uitdagingen voor het onderwijs 

    De PO-Raad ziet de toegevoegde waarde van co-creatie en een betere aansluiting tussen het aanbod en de vraag van scholen. In tijden van een lerarentekort en een gebrek aan ruimte en tijd is het voor scholen wel een grote uitdaging om op korte termijn met het advies aan de slag te gaan. 

    Raakvlakken met activiteiten van de PO-Raad

    Het rapport ‘Samen ten dienste van de school’ sluit aan op het advies vanuit de Landelijke Werkgroep Kennisinfrastructuur, dat aanstaande donderdag aan minister Van Engelshoven en Minister Slob wordt aangeboden. Dit advies draagt bij aan een sterke verbinding tussen onderwijs en onderzoek. Waarbij onderzoek vanuit een gelijkwaardige relatie in co-creatie tussen scholen en onderzoekers wordt uitgevoerd, onderzoek beter aansluit op de behoefte vanuit de onderwijspraktijk, en kennis uit onderwijsonderzoek beter toegankelijk wordt. De PO-Raad, VO-raad, MBO Raad, Vereniging Hogescholen en de VSNU zijn de initiatiefnemers van de ontwikkeling van een Kennisinfrastructuur. 

    Ook zijn er raakvlakken met Edu-K en het programma Samen Slimmer Leren van de PO-Raad, waarbij onder andere wordt ingezet op een meer flexibele leermiddelenmarkt en een betere aansluiting tussen vraag en aanbod.