‘Mannenquotum is nodig als paardenmiddel in de zorg en het onderwijs’

    318

    De zorg en het onderwijs hebben twee problemen gemeen. Er is een tekort aan personeel én de meerderheid van de werknemers is er vrouw. In de week van Internationale Vrouwendag is de vraag: wordt het niet eens tijd voor een mannenquotum?

    “Ja, want dit probleem gaat zich niet vanzelf oplossen. Er is een noodmaatregel, een paardenmiddel als een quotum, nodig om het tekort aan mankracht in de zorg en het onderwijs op te lossen”, zegt Esther-Mirjam Sent, hoogleraar Economische Theorie en Economisch Beleid aan de Radboud Universiteit in Nijmegen.

    Veel Nederlanders voelen nogal wat weerstand tegen het quotum, volgens Sent. “We lossen het liever in goed overleg op.” Dus voordat je tegen het plafond schiet, eerst even wat cijfers op een rij.

    Op basisscholen zijn meesters dun gezaaid. Met ruim acht op de tien zijn de juffen flink in de meerderheid, berekende het CBS. Van de meesters die nog wel voor de klas staan, zal een derde binnen tien jaar de pensioenleeftijd bereiken. En in het onderwijs worden nu al hele klassen naar huis gestuurd omdat de leraar ziek is en er geen vervanger is.

    “Gemengde teams presteren een stuk beter.”

    Esther-Mirjam Sent, hoogleraar

    Dan de zorg. Van alle mbo- en hbo-studenten die voor de richting Zorg & Welzijn kiezen, is volgens het CBS minder dan een vijfde man. Tel daarbij op dat het UWV waarschuwde voor 100.000 onvervulde banen in aanloop naar 2022.

    Honderd jaar geleden had de leraar nog status

    Dat het personeelstekort problematisch is, moge duidelijk zijn. Maar waarom is het mannentekort een issue? Sent: “Gemengde teams presteren een stuk beter, weten we uit tal van onderzoeken. Als werknemers hetzelfde zijn, belanden ze snel in een tunnelvisie. Met meer onderlinge verschillen worden diversere dimensies van het werk belicht.”

    “Het aanzien van een beroep daalt naarmate er meer vrouwen in werkzaam zijn.”

    Esther-Mirjam Sent, hoogleraar

    Wat als mannen helemaal geen zin hebben om met kinderen, zieke mensen en ouderen bezig te zijn? Volgens Sent zijn zulke voorkeuren geen vast gegeven. Zo was de leraar honderd jaar geleden nog een persoon met status en autoriteit, iemand om tegenop te kijken. En inderdaad, het was bijna altijd een hij.

    “Het aanzien van een beroep daalt naarmate er meer vrouwen in werkzaam zijn”, zegt Sent. Het onderwijs en de zorg kampen dus met een imagoprobleem; het zouden vrouwenberoepen zijn, waardoor de mannen die er werken worden gezien als ‘softies’.

    “Hoe vertel ik dat aan mijn vrienden?”

    Tommy Niessen, verpleegkundige

    Mannen verleiden om de zorg in te gaan

    Dat beeld beaamt twintiger, ouderenverpleegkundige en vlogger Tommy Niessen. Toen hij na drie onafgemaakte opleidingen op advies van zijn moeder de zorg in ging, was zijn eerste gedachte: hoe vertel ik dat aan mijn vrienden? Het had hem altijd een saai vrouwenberoep geleken, zegt hij aan tafel bij Twan Huys in RTL Late Night“Een beetje oude mensen wassen of zo.”

    De ideale kandidaat voor een baan is volgens Sent altijd een kloon. “Wordt een beroepsgroep overbevolkt door mannen, dan is er een neiging om ook mannen aan te nemen”, zegt zij. Daarom ziet ze dit mannentekort niet automatisch goedkomen, net zoals het aantal vrouwen in bestuursfuncties en technische beroepen niet vanzelf gaat toenemen.

    “De salarissen moeten omhoog.”

    Esther-Miriam Sent, hoogleraar

    De politiek is aan zet, meent ze. Met een mannenquotum kan de negatieve spiraal van de vervrouwelijking van het onderwijs en de zorg worden gekeerd. Maar alleen zo’n quotum is niet genoeg: “Om meer mannen te trekken, moet het aanzien van het werk echt veranderen. Dus om jongens te verleiden in deze sectoren aan de slag te gaan, moeten allereerst de salarissen omhoog.” Uiteraard ook voor de vrouwen.

    ‘Het is allemaal geen goud dat dat brengt’

    Want een carrière in bijvoorbeeld het onderwijs is financieel onaantrekkelijk. SEO Economisch Onderzoek berekende dat leraren in het basisonderwijs in 2015 gemiddeld 26 euro bruto per uur verdienden.

    Dat is 14 procent minder dan voor vergelijkbare functies buiten het onderwijs. Voor mannen boven de vijftig is dat verschil het grootst; met een gat van 35 procent kunnen zij wat betreft salaris inderdaad maar beter ergens anders aan de slag gaan.

    Vlogger Niessen heeft een andere tactiek dan het mannenquotum. Hij probeert de ideeën over zijn vakgebied te veranderen door een kijkje achter de schermen te geven. Zijn duizenden volgers op YouTube neemt hij mee op zijn werkdag, bijvoorbeeld tijdens de uitleg van datingapp Tinder aan een rokende cliënt (“Tinde?”, “Pinder?”, roept de vrouw).

    Of neem de oude man die Niessen een wijze levensles over werk geeft: “‘t Is allemaal geen goud dat dat brengt. ‘t Lijkt allemaal wel wat, maar ‘t is een hoop nepgoud.” Hopen dat dat de mannen trekt.