Keuzegids luidt noodklok over lerarenopleidingen

    0
    554

    Studenten van lerarenopleidingen voor het voortgezet onderwijs doen langer dan gemiddeld over hun studie en behalen minder vaak hun diploma. Daarvoor waarschuwt de Keuzegids Hbo.

    In de strijd tegen het lerarentekort heeft het ministerie van Onderwijs van alles bedacht om de lerarenopleidingen aantrekkelijker te maken. Studenten betalen bijvoorbeeld niet één maar twee jaar het halve collegegeld en er worden meer zij-instromers toegelaten.

    Maar het aandeel leraren in opleiding dat in vijf jaar zijn diploma haalt ligt volgens de Keuzegids onder het landelijke gemiddelde en ook de uitval in het eerste jaar is stukken groter. Vooral de studenten die later een taal op een middelbare school willen doceren vallen buiten de boot. Waar bijna de helft van de hbo-studenten binnen vijf jaar een diploma heeft, ligt dat percentage op 27 bij de lerarenopleiding talen. Met studenten die de lerarenopleiding volgen voor exacte vakken of maatschappijvakken gaat het iets beter: 35,8 procent van de exacte studenten haalt binnen vijf jaar een diploma. Bij studenten die leren om een maatschappijvak te geven ligt dat percentage op 33,2.

    Daarnaast laten de cijfers van de Keuzegids zien dat er minder studenten van de lerarenopleidingen doorstromen naar het tweede jaar. De Keuzegids benadrukt dat bij de pabo’s het studiesucces en de doorstroom juist bovengemiddeld is.

    In een persbericht laat de organisatie weten dat de cijfers duidelijk zijn. ‘Het is niet genoeg om studenten naar de lerarenopleiding te krijgen, ze moeten de studie ook nog succesvol afronden. Hoewel de instroom van de lerarenopleidingen de afgelopen drie jaar is gestegen, lost dit niets op als de studenten de opleiding vervolgens niet afmaken.’

    Oude oordelen

    In de inleiding van de gids rept de redactie met geen woord over het grote probleem van deze editie van de Keuzegids: die is niet gebaseerd op nieuwe tevredenheidsoordelen van studenten van bekostigde hogescholen. Daar kon de Keuzegids weinig aan doen. Toen de Nationale Studenten Enquête dit voorjaar onbetrouwbaar was gebleken, wilden alleen de universiteiten en particuliere instellingen meewerken aan een hersteloperatie van de NSE. En dus hadden de Keuzegids Hbo en eerder ook Elsevier alleen oude hbo-oordelen ter beschikking.

    Die oordelen wegen in de Keuzegids zoals gewoonlijk voor 70 procent van de opleidingsranglijstjes mee. De overige 30 procent is afhankelijk van nieuwe cijfers over het studiesucces en de kwaliteitsoordelen van deskundigen, die de opleidingen eens in de zes jaar keuren. Nieuw is ook dat het studentenoordeel ‘genoeg contacturen’ vervangen is door het oordeel ‘haalbaarheid’.

    Weinig verschil

    Het levert al met al een instellingenranglijst op die maar weinig verschilt van vorig jaar. Net als in 2018 is het Brabantse Avans de beste grote hogeschool van Nederland. Van de hekkensluiters hebben de Haagse Hogeschool, de Hogeschool Utrecht en de Hogeschool van Amsterdam stuivertje gewisseld. Van de middelgrote instellingen, die vaak iets hoger scoren, is de Christelijke Hogeschool Ede net als vorig jaar de aanvoerder.

    Voor het eerst heeft de Keuzegids gekeken naar de tweejarige associate degree-opleidingen. Voor Windesheim is het enthousiasme het grootst, met name over de opleidingen ondernemen, software-management en bouwkunde. NHL Stenden onderscheidt zich met goede tweejarige toerismeopleidingen, zoals hotelmanagement.