ABCDEFGHIJKLM
NOPQRSTUVWXYZ
INDEX
Wikipedia

      

 

 

Naasting, het tegen betaling in bezit nemen van iets (meestal doet de staat dat). [naasten. Perzië naastte de olieraffinaderijen].
Nacht van de lange messen (1934), nacht waarin Hitler op bloedige wijze afrekende met de veeleisende leiders van de SA.
Nagasaki, Japanse stad waarboven de VS in 1945 de tweede A bom afgooiden. 
Nagib, Ali Muhammad (1901-1984), Egyptisch generaal, betrokken bij staatsgreep tegen koning Faroek. President (1953-1954).
Nagy, Imre (1896-1958), Hongaars politicus, regeringsleider tijdens de Hongaarse opstand. Wilde hervormingen, werd afgezet en later geëxecuteerd.
Nansen, Fridtjof (1861-1930), Noors poolreiziger en Nobelprijswinnaar.
Nantes, edict van (1598-1685), overeenkomst met de Franse koning waarbij de Franse Hugenoten godsdienstvrijheid en een aantal versterkte steden kregen.
Napalm, kleverige vooral uit benzine bestaande substantie. Veroorzaakt door hechtende eigenschap ernstige verbrandingen.
Napoleon III , (1808-1873), was eerst president van de  Tweede Republiek (1848- 1852), keizer van het Tweede Keizerrijk (1852-1870). Werd tijdens de ongelukkig verlopende Frans Duitse oorlog afgezet. 
Napoleon Bonaparte (1769-1821), keizer van Frankrijk (1804-1815), Als veldheer was hij betrokken bij vele veldslagen o.a. tegen de Engelsen, de Pruisen, de Oostenrijkers en de Russen. Was lid van het  Consulaat Als keizer voerde hij op bestuurlijk gebied een aantal centraliserende maatregelen in. , kaleidoscoop
<<<
Napoleontische oorlogen (1799-1815), reeks oorlogen die Engeland, Oostenrijk, Pruisen, Rusland en Zweden in wisselende bondgenootschappen voerden tegen Napoleon. Napoleon won bij Austerlitz (1805), Jena (1806) en Wagram (1809), maar verloor de Volkerenslag bij Leipzig en werd definitief verslagen bij Waterloo (1815).
Narcissus, in de Griekse mythologie jongen die op zijn eigen spiegelbeeld verliefd werd.
Narodniki (ca 1870), In het tsaristische Rusland de beweging die de boerenmassa wilde mobiliseren om te komen tot sociale hervorming. De radicale, terroristische vleugel was verantwoordelijk voor de moordaanslag op Alexander II
Nasionale Partij (1913), Zuid Afrikaanse Partij die de apartheid sterk benadrukte.
Nasser, Gamal (1918-1970), Egyptisch generaal, politicus ,nationalist en president (1954-1970). Kwam kort na een staatsgreep (1952) aan de macht. Streefde naar sociale verbetering en een leidende rol van Egypte in de Arabische wereld.
Nasserisme, het door Nasser gelanceerde Arabisch socialisme: een menging van nationalisme en socialisme.
Natal [Zuid Afrika], vroeger een deel van de Britse Kaapkolonie.
Natie, volk dat zich door gemeenschappelijke kenmerken, zoals geloof, taal en geschiedenis verbonden voelt.
Wikipedia
Nationaal socialisme, een door Hitler opgestelde politieke ideologie, die gebaseerd was op de superioriteit van het Germaanse ras (racisme), het leidersprincipe en een fel nationalisme dat gevoed werd door de harde Vrede van Versailles. Het N. was antidemocratisch en racistisch De leer werd uitgewerkt in Mein Kampf en georganiseerd in de NSDAP. Het N. vormde van 1933-1945 het fundament van het totalitaire Hitler-Duitsland.  
Nationaal Socialistische Beweging (NSB), een door Mussert in 1931 opgerichte beweging met een op het Duitse nationaal socialisme gericht programma. Collaboreerde tijdens de Bezetting met de Duitsers.
Nationaal inkomen, de som van alle inkomsten van een staat.
Nationale Conventie (1792-1795), met algemeen kiesrecht gekozen Franse volksvertegenwoordiging tijdens de Franse revolutie. Riep de republiek uit en liet de koning en koningin  onthoofden.kaleidoscoop
Nationale garde ( 1789 tot 1872) de burgerwacht in Frankrijk.
Nationale staat, staat die op grond van nationale kenmerken een eenheid vormt.
Nationale Vergadering, de Franse volksvertegenwoordiging.
Nationaliseren, eigendom van de staat maken. [nationalisatie. De staalindustrie werd genationaliseerd]
Nationalisme, streven van een volk staatkundig onafhankelijk te worden of die onafhankelijkheid veilig te stellen.[nationalistisch]
<<<
Nationaliteit, het tot een bepaald staatsverband, natie behoren. [Hij bezit de Franse nationaliteit]
Naturaliseren, het verlenen van het staatsburgerschap aan personen van een andere nationaliteit. In Nederland moet de aanvrager 5 jaar ingezetene zijn, 18 jaar zijn en een bepaald bedrag betalen. De naturalisatie geschiedt bij wet. [naturalisatie]
Naturalisme, stroming in de literatuur om de natuur/werkelijkheid  zo dicht mogelijk te benaderen [Emile Zola]. In de beeldende kunst is N. meestal gelijk aan realisme.
Natuurgodsdienst, godsdienst die vooral op natuurverschijnselen, zoals donder en bliksem, regen en wind , water en vuur is gebaseerd.
Navarino [Griekenland], zeeslag bij (1827), tijdens de  Griekse Vrijheidsoorlog wordt een Turkse vloot verslagen door schepen van de Engelsen, Fransen en Russen.
Navo (1949), Noord Atlantische Verdrags Organisatie. Defensief verdrag tussen de VS, Canada, Groot Brittannië, Duitsland, Italië, Noorwegen, Denemarken, de Benelux, Portugal, Griekenland en Turkije. Oorspronkelijk was Frankrijk ook volwaardig lid van de organisatie.Het Partnerschap voor de vrede (1994) maakt het mogelijk voor andere Europese landen in de toekomst toe te treden tot de N.
Nazisme, afkorting voor Nationaal Socialisme. [Nazi's]
Neanderthaler, prehistorisch menstype, waarvan de eerste overblijfselen in het Neanderthal (Dld) zijn gevonden. 
Nebukadnezar (625-562 v.C.), Nieuw Babylonische koning. Veroverde Syrië en Palestina. Bloei van het Nieuw Babylonische rijk.
<<<
Necker, Jacques (1732-1804), Zwitsers bankier, kreeg grote invloed in Parijs, waar hij er o.a. voor zorgde dat in 1789 de Staten Generaal werd bijeengeroepen. Wilde het absolute koningschap afschaffen. Speelde een belangrijke rol in de Franse revolutie.
Nectar, Griekse mythologie: godendrank.
Nederlandsche Unie (1940-1941), politieke groepering die zich bij de nederlaag en de Duitse bezetting wilde neerleggen , maar zich verder wilde baseren op het eigene in onze samenleving. Een der oprichters was  De Quay. . De Unie werd in 1941 verboden.
Nederlandsche Handelmaatschappij (1824), een door koning Willem I opgerichte maatschappij ter bevordering van handel en nijverheid in het algemeen. De NHM ging zich later vooral toeleggen op de handel met Indië.
Nedersticht, in de middeleeuwen het westelijk deel van het bisdom Utrecht.
Neerwinden, slag bij (1793), Oostenrijk verslaat een Frans leger onder Dumouriez.
Negenjarige oorlog (1688-1697), strijd tussen Lodewijk XIV en o.a. de Republiek, Spanje, Engeland Oostenrijk en Zweden ter beteugeling van de expansiedrift van de Franse koning.
Negus, titel van de keizer van AbessiniŽ.
Nehroe, Jawaharlal (1889-1964), Indiaas politicus, nationalist en minister president (1947-1964). Was voorstander van een neutrale niet gebonden politiek van de Derde Wereldlanden.
Wikipedia
Nelson, Horatio (1758-1805), Brits vlootvoogd, versloeg de Fransen keer op keer. Sneuvelde in de beroemde slag bij Trafalgar.
Neo, in samenstellingen nieuw.
Neo classicisme, (ca. 1770 - 1850), stijlperiode in de Europese cultuur. Teruggrijpen in onderwerpen en vormgeving op de Klassieke Oudheid. Kenmerken: symmetrie, rechte lijnen, grootse maar rustige vormgeving. 
Neofascisme, na W.O.II opgekomen vorm van fascisme.
Neo gotiek, 19de eeuwse kunststijl die veel ontleende aan de middeleeuwse gotiek (spitsboog). 
Neo-impressionisme, ook wel pointillisme, impressionisten die de kleuren niet mengden maar door een stippeltechniek  kleurschakringen opriepen (Seurat, Signac
Neolithicum, nieuwe steentijd. De stenen werktuigen worden gepolijst.
NEP, Nieuw Economische Politiek (1921- 1928). Een door Lenin ingevoerde economische politiek die semi kapitalistische trekken had. Er werd meer aan het particulier initiatief overgelaten (zoals de landbouw, de kleinhandel en de lichte industrie) Zware industrie en buitenlandse handel bleven in handen van de staat.camerascoop
Nepotisme, het bevoorrechten van familieleden bij het verlenen van ambten enz.
Neptunus, Griekse mythologie: god van de zee.
<<<
Nero (37-68), Romeins keizer (54-68). Berucht door zijn wreedheid en meedogenloze christenvervolgingen.
Nestor, de oudste Griekse held uit de Trojaanse oorlog. [Hij is de nestor van het college = hij is de oudste]
Neurenberg, proces van (1946), proces van een geallieerd militair tribunaal tegen de belangrijkste vertegenwoordigers van het Nazi regime. Zij stonden als oorlogsmisdadigers terecht. 
Neutraliteit, onzijdigheid; tussen de partijen instaand; geen partij kiezen. [neutraal]
New Deal (1932), sociaal economisch herstelplan van president Roosevelt, ter bestrijding van de wereldcrisis. Minimum lonen en prijzen, steun aan de boeren, sociale verzekeringswetten.
Newton, Isaäc (1642-1727), Engels natuurkundige, grondlegger van de moderne natuurkunde, en van de zwaartekrachtleer.
Nicolaas I (1796-1855), Russisch tsaar (1825-1855), onderdrukte de Dekabristenopstand (1825), sloeg de Poolse opstand neer (1830), hielp de Oostenrijkers tegen de Hongaren (1848) en voerde de voor hem ongelukkig aflopende Krimoorlog (1854-1856)
Nicolaas II (1868-1918), Russisch tsaar (1894-1917). Trad tijdens de februarirevolutie af  en werd later met zijn gezin door de Bolsjewiki vermoord.
Niet aanvalsverdrag, verdrag waarin de partijen beloven elkaar niet te zullen aanvallen. [Stalin en Hitler sloten een niet aanvalsverdrag (1939)]
Niet-gebonden landen, landen die zich buiten het Oost-West conflict hielden en sinds 1961 geregeld grote conferenties organiseerden. Initiatiefnemers waren Tito, Nasser en Nehroe.
Nietzsche, Friedrich (1844-1900), Duits filosoof. Also sprach Zarathoustra
Nieuw links (1966), links radicale stroming in de PvdA, o.a. tegen Navo-lidmaatschap en voor nivellering van inkomen. Tien over rood.
Nieuwe geschiedenis, de Europese geschiedenis van 1453-1789.
Nieuwe Rijk (1580-1306), periode uit de Egyptische geschiedenis.
Nieuwe Testament, deel van de bijbel. Met zijn evangelies vormt het N.T. de basis van het Christendom.
Nieuw Nederland, in het begin van de 17de eeuw gestichte  Nederlandse kolonie aan de  Hudsonbaai. Vanaf 1621 bestuurd door de WIC, die o.a.. Nieuw Amsterdam, het latere New York stichtte. In 1673 werd de kolonie aan de Engelsen afgestaan.
Nieuwpoort, slag bij (1600), Maurits verslaat de Spanjaarden.
Nieuwste geschiedenis, de Europese geschiedenis na 1789.
Nightingale, Florence (1820-1910), Brits verpleegkundige. Grondlegster van de moderne verpleging.
Nihilisme, in het tsaristische Rusland ontstane levenshouding. Het N. verzette zich tegen de traditionele normen en waarden  en opgelegd gezag. [nihilist]
Nimf, Griekse mythologie: godin van lagere orde.
Ninevé [ Iran], hoofdstad van het Nieuw Assyrische rijk.
Nippon, benaming voor Japan.
Nirwana, toestand van harmonie en rust, bereikt na de laatste wedergeboorte (reïncarnatie).
Nixon, Richard (1913-1994), Amerikaanse republikeinse politicus en president (1968-1974). Moest aftreden vanwege de Watergate-affaire.
Nkroemah, Kwame (1909-1972), Ghanees politicus en president (1960-1966) .
NKV, Nederlands Katholiek Vakverbond (1964-1982). Fuseerde met het NVV. Zo ontstond het FNV.
NKVD, één van de vele namen van de sovjetrussische geheime dienst.
Noach, bijbels figuur, bouwde de ark en overleefde met zijn familie de zondvloed.
Nobel, Alfred (1833-1896), Zweeds groot industrieel. Oprichter van de Nobelstichting, die elk jaar een aantal vooraanstaande wetenschappers, letterkundigen en politici in de wereld een prijs toekent. Het toekennen van de prijs betekent een grote internationale erkenning.
Noblesse d'epee, Frans = adel van de degen. In Frankrijk de oude adel die zich vooral in de oorlog had onderscheiden.
<<<
Noblesse de robe, in Frankrijk de jongere adel die door de koning om bepaalde verdiensten in de adelstand was verheven.
Nolens, Willem (1860-1931), Nederlands katholiek politicus. Was jarenlang in de Tweede Kamer een invloedrijk fractieleider van de RKSP.
Nolde, Emil (1867 - 1956) , Duits schilder.
Nomaden, (in de woestijn) rondtrekkende herdersstammen.
Non figuratief, kunst die de werkelijkheid niet herkenbaar weergeeft, ook wel abstracte kunst.
Non cooperatie, het niet willen samenwerken met de overheid. Politieke houding o.a. door Gandhi gepropageerd tegen de Britten.
Non conformist, 1) iemand die geen lid is van de Engelse Staatskerk; 2) iemand die zich zelfstandig , los van organisaties en gevestigde meningen , opstelt. [nonconformistisch]
Non proliferatieverdrag (1968), verdrag tegen de verspreiding van kernwapens.
Non interventie, het niet tussen beiden komen. Het zich niet bemoeien met strijdende partijen.
Non agressiepakt, zie niet aanvalsverdrag.
Non, katholiek gelovige en bewoonster van een klooster.
Non belligerenten, niet oorlogvoerenden.
Non combattant [Frans = niet strijder]. Tijdens een oorlog de niet strijdende burger. [Er werd geen verschil gemaakte tussen non combattanten en soldaten]
<<<
Noord Duitse Bond (1866-1871), bond van Noord Duitse staten onder het voorzitterschap van de koning van Pruisen.
Noordse Oorlog (1700-1721), Zweden en bondgenoten contra Rusland en bondgenoten. Inzet beheersing van de Oostzee. Karel XII moest uiteindelijk zijn meerdere erkennen in tsaar Peter de Grote. Zweden verloor bijna al haar niet Zweedse gebieden.
Noordierse kwestie. In 1922 werd Ierland onafhankelijk van Groot Brittannië. Het werd  verdeeld in de Ierse Vrijstaat (katholiek) en Noord Ierland (Ulster), waar de protestanten de meerderheid vormden. Hun zowel politiek als sociaal economische discriminerend optreden bracht de katholieken tot gewelddadige acties (1968). Ondanks Brits militair optreden  ontstond er een geweldsspiraal van  de katholieke en protestantse ultra's (bomaanslagen , terroristische acties en provocerende optochten)  . In 1994 kwam er een staakt het vuren. In 1998 gaven verkiezingen voor een Noord Iers parlement  uitzicht op een blijvende vrede.
Noormannen, Noord Germanen die vanuit Scandinavië van de 8ste tot de 10de eeuw rooftochten ondernamen. Gedreven door avontuur en overbevolking plunderden zij de kusten van West Europa. Soms vestigden zij zich daar blijvend (Engeland, Normandië, Zuid Italië). Via Rusland, waar zij een rijk rond Kiev stichtten, maakten zij contact met het Byzantijnse rijk. Na hun kerstening staakten zij hun plundertochten .
Normaliseren, regelmatig maken. [normalisatie. De toestand werd genormaliseerd]
Normandië, Franse kustprovincie aan het Kanaal waar in 1944 de geallieerde invasie plaats vond.
Norodom Sihanouk, (1922), Cambodjaans politicus.
Notabel, een vooraanstaand persoon in een gemeenschap (dokter, dominee, notaris).
Nota van wijzigingen, schrijven van de regering, na het voorlopig verslag, waarin zij een aantal wijzigingen op het wetsontwerp voorstelt.
Nova Zembla, overwintering op (1595-1596), door Barentsz en Van Heemskerck ,
die op zoek waren naar een doortocht via het Noorden naar Indië
Novemberrevolutie, benaming voor de Russische oktoberrevolutie.
Novotny, Antonin (1904-1976), Tsjechoslowaaks stalinistisch  politicus. Moest tijdens de Praagse Lente (1968) zijn functie neerleggen.
NSB, Nationaal Socialistische Beweging (1931-1945). Nederlandse fascistische partij opgericht door Anton Mussert. Vooral georiënteerd op het Duitse nationaal socialisme.
NSDAP (1919-1945), Nationaal Socialistische Duitse Arbeiders Partij. De door Hitler opgerichte en beheerste Duitse extreem rechtse  partij. Zie verder nationaal socialisme.
Nuntius, pauselijke diplomatieke vertegenwoordiger bij een regering.
NVV (1905-1976), Nederlands Verbond van Vakverenigingen. Overkoepelende organisatie van socialistische vakbonden.
<<<
Nyerere, Julius (1921-1999), Tanzaniaans politicus. 1964 president van Tanzania.(1964-1985).
Wikipedia