Ouders herkennen het beeld: ,,De leraar heeft vooral meer tijd nodig”

0
1064

Ouders herkennen de hoge werkdruk voor de leraren in het primair onderwijs en hebben begrip voor de stakingen. Dat blijkt tijdens de bijeenkomst die de PO-Raad samen met Ouders & Onderwijs organiseerde in het kader van de stakingen in Noord-Nederland op 14 februari.

Rond 15.00 uur komen ruim 50 mensen binnendruppelen in de industriële hal van EM2 in Groningen. Het is woensdag 14 februari en de leraren in Noord-Nederland staken. Een deel van hen heeft net de manifestatie bijgewoond in de naastgelegen Suikerfabriek. Vanuit het grote raam zien de aanwezigen auto’s en bussen vertrekken. Op uitnodiging van de PO-Raad en Ouders & Onderwijs praat een groep schoolbestuurders, schoolleiders en ouders verder. De grote vraag tijdens de bijeenkomst is hoe scholen en ouders kunnen samenwerken en hun zorgen kunnen delen over de kwaliteit van het onderwijs.

100-meter sprint

Anko van Hoepen, vicevoorzitter PO-Raad, en Peter Hulsen, directeur van Ouders & Onderwijs, houden een korte inleiding, leggen wat stellingen voor en voeren een goed gesprek met de aanwezigen. Ouders geven daarbij aan dat ze zien dat leraren te weinig tijd hebben om alles te doen. ,,Er wordt heel goed lesgegeven op de school van mijn kinderen, maar de tijd van de leraar gaat op aan allerlei bijkomende zaken”, zegt een van de ouders. ,,We moeten meer investeren in de passie van leraren”, zegt een schoolbestuurder. ,,De leraren zijn als het ware tienkampers, atleten die op alle onderdelen uitblinken. Maar de maatschappij heeft op dit moment vooral waardering voor winnaars op de 100-meter sprint, specialisten.” Moeten we dan zorgen dat de leraren specialisten worden of moeten we zorgen dat alleskunners meer waardering krijgen?

Een schoolbestuurder vertelt dat hij telkens weer onder de indruk is van de drive, het vuur en de passie van de leraren. ,,Ze gaan echt voor de leerlingen. Geef de leraar de ruimte voor zijn expertise en laat hem niet langer zaken als kinderpostzegels en de avondvierdaagse doen.” Leraren zien wel dat het salaris onvoldoende is, maar dat is vaak niet hun belangrijkste drijfveer. Maar nu komt hun vak in gevaar, omdat er een tekort aan leraren is. En dan laten ze van zich horen. De meeste leraren staken niet voor hun eigen belang. Ze staken vooral voor de toekomst van het beroep en de toekomst van het onderwijs.

Kwart over drie

,,We moeten er weer een vak van maken”, zegt een van de aanwezigen. ,,We hebben het onderwijs verdeeld in duo- en parttimebanen, waardoor het een imago heeft gekregen alsof het een bijbaantje is.” Daarnaast zijn de aanwezigen het er over eens dat scholen te lang hebben geprobeerd om de problemen van werkdruk zelf op te lossen. Vorige week maakte minister Arie Slob van Onderwijs bekend dat het geld voor de bestrijding van werkdruk eerder beschikbaar komt. Dat is een belangrijke stap, maar de aanwezigen zien ook dat geld alleen niet voldoende is. ,,Het is ook een kwestie van organiseren. We moeten anders omgaan met de tijd van de leraar. Zonder geld lukt dat niet, want tijd is geld.” Een schoolleider vult aan: ,,Als ik nu met de leraren in gesprek wil over ontwikkelingen of innovaties, dan moet dat ’s middags om kwart over drie, nadat ze al een hele dag intensief les hebben gegeven.” Iedereen snapt dat dat niet het beste moment is voor het maken van nieuwe plannen.

Scholen hebben erg veel op hun bordje liggen. Veel sociale problemen vragen aandacht van de school. Dat is natuurlijk ook in het belang van de kinderen. Een van de aanwezige ouders: ,,Soms lijkt het of de school daar de kop voor in het zand steekt, maar het onderwijs moet bieden wat de samenleving vraagt. Je kunt niet de ontwikkelingen tegen houden.” De samenleving moet dan beter zorgen dat de scholen ook toegerust zijn om de ontwikkelingen te volgen en het gesprek erover met ouders te kunnen voeren. Ouders merken ook het gebrek aan tijd van de leraar. ,,Als het allemaal goed gaat met de ontwikkeling van mijn kinderen, dan hebben we nauwelijks een gesprek op school.” Pas als er iets misgaat met de organisatie of met de ontwikkeling van een leerling, wordt het gesprek gevoerd. Veel scholen geven aan dat ze proberen om altijd de communicatie met de ouders goed op peil te houden, maar dat lukt niet altijd.

De aanwezigen in Groningen zijn blij met het goede gesprek tussen scholen en ouders, maar beseffen ook dat hiermee de problemen in het primair onderwijs niet zijn opgelost. ,,We moeten werkdruk vooral koppelen aan werkplezier”, zegt een van de aanwezigen. Dat start met autonomie, maar ook met waardering. En iedereen kan vanuit zijn eigen rol daar een bijdrage aan leveren.