De PO-Raad is verheugd over het akkoord dat het PO-Front met het kabinet heeft bereikt over het terugdringen van werkdruk in het primair onderwijs. Scholen en schoolbesturen kunnen nu aan de slag om het werken in het primair onderwijs voor leraren aantrekkelijker te maken, aldus Anko van Hoepen, vicevoorzitter van de PO-Raad.
Met het akkoord komt het extra geld voor de bestrijding van de werkdruk eerder beschikbaar voor scholen en schoolbesturen. Dat is goed nieuws voor schoolteams en leerlingen.

Vanaf schooljaar 2018/2019 gaat het om 237 miljoen euro per schooljaar. Dat bedrag loopt op tot structureel 430 miljoen euro in 2022.

Alle partijen in het PO-Front – PO-Raad, AVS, PO in Actie, Algemene Onderwijsbond, CNV Onderwijs, FNV Overheid en FvOv – zijn het met minister Arie Slob (Primair onderwijs) eens dat de werkdruk zoveel mogelijk op schoolniveau moet worden aangepakt. In het akkoord hebben zij daarom afgesproken dat schoolteams het gesprek over werkdruk gaan voeren.

Op basis van dat gesprek wordt duidelijk op welke manier de medewerkers werkdruk ervaren en wat eraan gedaan kan worden. Het personeelsdeel van de medezeggenschapsraad (P-MR) heeft vervolgens instemmingsrecht op het plan dat de schoolleider en het schoolbestuur samen maken over de besteding van het extra geld.

,,We hebben met elkaar goede afspraken gemaakt. De PO-Raad is heel blij dat de minister de leraren, schoolleiders en besturen heeft gehoord en dat hij heeft mogelijk gemaakt dat we nù iets aan de werkdruk kunnen doen. De nood is nù hoog’’, zegt vicevoorzitter Van Hoepen. ,,Scholen kunnen aan de slag en belangrijke eerste stappen zetten om die werkdruk in de klas echt aan te pakken. We realiseren ons tegelijkertijd dat we er nog niet zijn en dat er meer nodig is om goed onderwijs te kunnen blijven organiseren en een aantrekkelijke sector te zijn om in te werken. Daar blijven we ons voor inzetten.’’

Het PO-Front ziet minister Slob als bondgenoot in de strijd voor een sterker primair onderwijs. Zijn lobby om het werkdrukbudget voor de komende jaren anders te verdelen is daarvan het eerste bewijs. Tegelijkertijd is de vakminister ook gebonden aan het regeerakkoord: hij heeft geen extra middelen te verdelen.

De PO-Raad vindt het goed dat minister Slob beseft dat met deze maatregel niet alle problemen in onze sector zijn opgelost. Het primair onderwijs zit al langer in een achterstandspositie. Het wordt voor schoolbesturen een steeds grotere uitdaging om met de beperkte middelen onderwijs van kwalitatief hoog niveau te verzorgen. Zeker door het oplopend lerarentekort staat de sector onder grote druk. Het PO-Front benadrukt dat het daarom belangrijk is om het salaris van leraren te verhogen. Zolang de salarisperspectieven in andere sectoren beter zijn, zullen studiekiezers niet snel kiezen voor een opleiding tot leerkracht.

Salarissen en staking

Om aandacht te blijven vragen voor de achterblijvende salarissen van leraren in het primair onderwijs organiseren de vakbonden op 14 februari een staking in het noorden van Nederland. Op verzoek van de leden van de PO-Raad in het noorden van het land, grijpt de PO-Raad dit moment aan om het gesprek te stimuleren tussen het onderwijs en ouders over hoe we met elkaar kunnen blijven zorgen voor goed onderwijs in tijden van een tekort aan leraren.