Seksuele moraal in het klaslokaal (2)

0
3466

Het artikeltje van 18 juli jl. met als titel Seksuele moraal in het klaslokaal (zie onder) heeft bij diverse leerkrachten het een en ander losgemaakt.  Niet iedereen lijkt het doel van dit derde artikeltje op rij te hebben begrepen. Zoals ik ook schreef in de eerste twee artikeltjes (feitelijk zijn het oproepen), zou ik ter voorbereiding van een boek en lessen over morele vorming in een multiculturele samenleving graag in contact willen komen met leerkrachten, schoolbestuurders en ouders die tegen situaties aanlopen die te maken hebben met moraal, normen en waarden.

Weliswaar heeft iedereen die op het artikeltje reageerde ondertussen van mij een persoonlijke mail ontvangen, maar toch leek het mij goed om voor alle lezers een toelichting te schrijven, want ik vermoed dat meer mensen met vergelijkbare vragen en opmerkingen zijn blijven zitten na het lezen van Seksuele moraal in het klaslokaal.

Allereerst werd mij gevraagd wat de bron was van mijn citaten. U kunt alle informatie over het boek waaruit ik citeerde vinden op: https://www.bibliotheek.nl/catalogus/titel.297037307.html 

Respect

Ik zou nu wat uitvoeriger willen ingaan op de volgende zin in een van de mails, omdat deze zin mij cruciaal lijkt:“We leven in tijden waarin het van groot belang is dat we weer wat meer respect voor elkaar dienen te krijgen maar op deze manier wordt het onbegrip voor elkaars religie en cultuur alleen maar groter.

Respect voor elkaar en voor elkaars religie en cultuur wordt door velen gezien als iets goeds, iets nastrevenswaardigs. Maar wat moet er dan eigenlijk gerespecteerd worden? In de dagelijkse praktijk komt respecteren te vaak neer op accepteren, de discussie uit de weg gaan, het maar laten voor wat het is. ‘Respect’ is een modewoord geworden. Het is trouwens ook iets geworden dat je kunt eisen: Wij eisen respect! Respect verdienen kost tijd en inspanning en daar heeft niet iedereen het geduld voor.

Volgens Vandale.nl betekent respect: eerbied, ontzag. Moet je altijd respect/eerbied/ontzag hebben voor de ideeën en overtuigingen van een ander? Moet je altijd respect/eerbied/ontzag hebben voor de persoon die ideeën en overtuigingen heeft die je misschien wel verwerpelijk vindt?

Laten we het wat concreter maken en voor de duidelijkheid even weghalen bij religie en cultuur. De Noor Anders Breivik voltooide rond 2010 een 1.518 pagina’s tellend manifest met daarin zijn ideeën en overtuigingen. Vervolgens handelde hij naar zijn ideeën en overtuigingen. Op 22 juli 2011 stierven door zijn toedoen 77 mensen en in 2012 werd hij door een rechtbank veroordeeld tot de maximale gevangenisstraf die in Noorwegen geldt.

Weinig mensen hadden en hebben respect voor de ideeën en overtuigingen van Anders Breivik. Weinig mensen hadden en hebben respect voor de persoon Anders Breivik. Desalniettemin werd hij door de rechtsstaat Noorwegen fatsoenlijk behandeld. Hij kreeg een eerlijk proces.

Misschien moeten we niet koste wat het kost respectvol met elkaar willen omgaan, maar proberen fatsoenlijk met elkaar om te gaan. Zelfs met misdadigers als Anders Breivik kun je fatsoenlijk omgaan, ook al halen zijn wandaden in eerste instantie de slechtste ideeën in onszelf boven.

Wrijvingen en botsingen

In Seksuele moraal in het klaslokaal citeerde ik uit de geboden van de sjiieten. Een leerkracht  liet mij weten dat er slechts een zeer klein percentage van de moslims in Nederland en in de wereld sjiitisch is. Zij vond het jammer dat ik dit niet had benadrukt, “want u kunt aannemen dat veel van de lezers van uw artikel niet weet dat deze gedachtegangen niet opgaan voor de een heel hele grote meerderheid van alle moslims. En dat geldt trouwens net zo goed voor gedachtegang van de moslims die wel een sjiitische achtergrond hebben.”

De artikeltjes/oproepen die tot nu toe in de deze Nieuwsbrief zijn verschenen hebben niet als doel om achtergrondinformatie te verstrekken over bepaalde religieuze stromingen. In het artikeltje met als titel Denk erom, kinderen, jullie zijn anders! heb ik ook geen achtergrondinformatie gegeven over de bevindelijk gereformeerden in Nederland en in de rest van de wereld. Ik ga ervan uit dat leerkrachten die meer willen weten over aard en omvang van een bepaalde religieuze of levensbeschouwelijke stroming heel wel in staat zijn die informatie zelf te vinden.

In Nederland kunnen we in het klaslokaal kinderen tegenkomen met de meest uiteenlopende culturele, religieuze en levensbeschouwelijke achtergronden. Nederland is trouwens al sinds vele eeuwen het land van de vele religieuze stromingen (google: “protestantisme in Nederland”). Mensen leefden naast elkaar, in hun eigen zuil. Je ging naar je eigen bakker, bezocht je eigen school, las je eigen krant, luisterde naar je eigen radio-omroep, stemde op je eigen partij enz. enz. De verzuiling is de laatste vijftig jaar grotendeels verdwenen. Het aantal immigranten is sterk toegenomen. In 2015 leefden er in Nederland 1,8 miljoen mensen die niet in Nederland geboren waren (200 verschillende nationaliteiten).

Naast elkaar leven in een eigen zuil is met zo’n enorme diversiteit geen optie. We komen elkaar tegen, bv. op school, en we zullen zo goed mogelijk samen moeten proberen te leven.  Dat er wrijvingen en botsingen plaatsvinden hoeft niemand te verbazen. Vraag is hoe wij er het beste mee om kunnen gaan.

Ik zou graag van leerkrachten (maar ook van schoolbestuurders en ouders) willen weten waar zij in de dagelijkse praktijk tegenaan lopen als het om moraal/waarden/normen gaat en vooral hoe ze er mee omgaan; we kunnen van elkaar leren. Ik kan mij niet voorstellen dat leerkrachten zich beperken tot respect hebben voor de ideeën en overtuigingen die het kind van thuis meekrijgt?

Mannen en vrouwen

Tot slot wil ik nog even stilstaan bij de citaten die ik in Seksuele moraal in het klaslokaal heb gebruikt. Deze islamitische geboden staan in een traditie die al zo’n 4.000 jaar oud is (googel :“Codex Hammurabi”). Geboden en verboden worden in deze (casuïstische) traditie behandeld aan de hand van voorbeelden: Als dit of dat, dan zus of zo. Als men een meisje van minder dan negen jaar huwt en het scheurt uit tijdens de geslachtsdaad, dan moet men daarmee stoppen. Dat wil niet zeggen dat het algemeen gebruikelijk is dat men zulke jonge meisjes huwt en er seks mee heeft. Er wordt in dit gebod wel impliciet gesteld dat het in principe niet verboden is om met zulke jonge meisjes te huwen en er seks mee te hebben, maar als…, dan…

Aan dit gebod en andere ge- en verboden ligt een religieus onderbouwde overtuiging ten grondslag over de plaats en rol van mannen en vrouwen in gezin en samenleving en met die overtuiging wordt  men op veel scholen wel degelijk geconfronteerd. Het staat u vrij om daar in voorkomende gevallen met eerbied en ontzag op te reageren. Of u gaat zonder eerbied en ontzag de discussie aan als u dat nodig vindt, maar dan wel graag fatsoenlijk.

Origineel artikel van 18 juli 2018:

Veel leerkrachten vinden het sowieso lastig om op school over seksuele moraal te praten. Je wilt als leerkracht niet je eigen moraal opdringen aan je leerlingen en je beperkt je liever tot algemeenheden over ‘hoe mannen en vrouwen hier in Nederland met elkaar omgaan.’ Maar hoeveel weet de gemiddelde leerkracht  eigenlijk over de seksuele moraal van de ouders met een migratieachtergrond? Waarschijnlijk niet zo veel. Daarom ter illustratie een kleine greep uit de islamitische geboden van de sjiieten.

Vraagstuk 2397: Een moslimvrouw mag niet met een heiden huwen. Een moslimman mag ook niet met een heidin permanent huwen. Echter, een moslimman mag met een christelijke of joodse vrouw kortstondig huwen. [MH – kortstondig huwen is een eufemisme voor seks met bv. een prostituee waarbij gedaan wordt alsof er een huwelijk bestaat zolang het bezoek duurt].

Vraagstuk 2424: De kortstondige echtgenote heeft geen recht op de vergoeding van de kosten van haar levensonderhoud, zelfs als zij in verwachting raakt.

Vraagstuk 2431: Indien de kortstondige echtgenoot het restant van de huwelijkstermijn schenkt aan de kortstondige echtgenote, dient hij de gehele afgesproken prijs af te dragen aan deze vrouw, mits hij met deze vrouw gemeenschap heeft gehad. Indien hij geen gemeenschap heeft gehad, dient hij de helft van de afgesproken prijs af te dragen.

Vraagstuk 2434: Indien men zonder het doeleinde tot genieten en zonder de vrees om in een ongeorloofde toestand terecht te komen, lichaamsdelen van heidinnen, die zij gewoonlijk bedekken, aanschouwt, is dit niet problematisch.

Vraagstuk 2438: Een man mag niet met als doel om te genieten het lichaam van een andere man aanschouwen. En het aanschouwen van een vrouw met als doel om te genieten van het lichaam van een andere vrouw is ongeoorloofd.

Vraagstuk 2410: Indien men een onvolwassen meisje huwt voordat dit meisje de leeftijd van negen jaar bereikt, met haar gemeenschap heeft en ook penetreert, moet hij nooit meer met haar gemeenschap hebben als door zijn behandeling de urinebuis en de maandbloedingsbuis of de maandbloedingsbuis en de endeldarm van dit meisje één zijn geworden. [MH – Met andere woorden, als je een meisje van jonger dan negen jaar waarmee je getrouwd bent vaginaal of anaal penetreert en ze scheurt uit, dan moet je het niet meer doen]

Ik zou in het kader van de voorbereiding van een boek (titel: De getemde mens) en lessen over morele vorming in een multiculturele samenleving graag in contact komen met leerkrachten, schoolbestuurders en ouders die recentelijk geconfronteerd zijn met een sterk afwijkende moraal en hun ervaringen willen delen.

U kunt uw reacties sturen naar: [email protected]

Martin Harlaar (freelance historicus)

*Zie ook de artikeltjes Jullie gaan allemaal naar de hel (4 juni) en Denk erom, kinderen, jullie zijn anders! (14 juni) op deze site geplaatst werd.